Liturgie zondag 3 december, 1e advent

‘De Koning komt!’

 

De tijd van Advent is weer aangebroken, een tijd waarin we vanuit de werkelijkheid van Pasen de komst van de Heer als mens gedenken. En gedenken gaat ook gepaard met verwachten: een delen in de verwachtingen van de profeten – en dat gaat verder dan de komst van de Heer als mens op aarde…

 

De eerste kaars wordt aangestoken en vervolgens zingen we het eerste couplet van het stapellied ‘God heeft iets nieuws bedacht’:

 

Refrein:

God heeft iets nieuws bedacht,

Hij heeft het zelf verzonnen.

Heb je het niet gemerkt?

Het is allang begonnen.

 

Zacharias, luister goed,

dit nieuws is niet gewoon:

Jij en je vrouw Elisabeth

Krijgen straks een zoon.

Noem hem Johannes, ‘God is goed’,

want hij is heel speciaal.

Met hem begint een nieuwe tijd,

een wondermooi verhaal.

 

Welkom & Afkondigingen

 

Lied 92: 1 & 2

 

Bemoediging & Groet

 

Lied 448: 1, 3 & 7

 

Gebed en geboden

 

Lied 461

 

Lied van de kinderen bij vertrek naar de kindernevendienst:

 

Wij gaan voor even uit elkaar

en delen nu het licht.

Dat licht verteld ons iets van God

op Hem zijn wij gericht.

 

Wij geven Gods verhalen door.

En wie zich openstelt
ervaart misschien een beetje licht

door wat er wordt verteld.


Straks zoeken wij elkaar weer op

en elk heeft zijn verhaal
Het licht verbindt ons met elkaar:

het is voor allemaal.

 

LEZEN: Lukas1:5-25

 

LIED 441: 1, 3 & 5

 

PREEK: ‘De Koning komt!’

 

GEZANG 125 Liedboek der kerken

1 (samen)

O kom, o kom, Immanuël,

verlos uw volk, uw Israël,

herstel het van ellende weer,

zodat het looft uw naam, o Heer!

Weest blij, weest blij, o Israël!

Hij is nabij, Immanuël!

 

2 (vrouwen)

O kom, Gij wortel Isaï,

verlos ons van de tyrannie,

van alle goden dezer eeuw,

o Herder, sla de boze leeuw.

Weest blij, weest blij, o Israël!

Hij is nabij, Immanuël!

 

3 (samen)

O kom, o kom, Gij Oriënt,

en maak uw licht alom bekend;

verjaag de nacht van nood en dood,

wij groeten reeds uw morgenrood.

Weest blij, weest blij, o Israël!

Hij is nabij, Immanuël!

4 (mannen)

O kom, Gij sleutel Davids, kom

en open ons het heiligdom;

dat wij betreden uwe poort,

Jeruzalem, o vredesoord!

Weest blij, weest blij, o Israël!

Hij is nabij, Immanuël!

 

5 (samen)

O kom, die onze Heerser zijt,

in wolk en vuur en majesteit.

O Adonai die spreekt met macht,

verbreek het duister van de nacht.

Weest blij, weest blij, o Israël!

Hij is nabij, Immanuël!

 

VIERING HA

 

Voor de viering zingen we de apostolische geloofsbelijdenis

 

Bij de viering zingen we lied 412

 

GEZANG 439